Ga naar website navigation Ga naar artikel navigatie Ga naar inhoud

3.4 Samenwerkingen

Het openstellen van ons interne en externe VU-netwerk voor onze wetenschappers draagt bij aan het ontstaan van nieuwe samenwerkingen en het versterken van bestaande samenwerkingen. Vanuit deze samenwerkingsverbanden creëren onderzoekers van de VU wetenschappelijke en maatschappelijke impact.

Wetenschappers van de VU, Amsterdam UMC en ACTA zijn met elkaar verbonden in gezamenlijk onderzoek. VU-wetenschappers werken intensief samen in onder andere Neurowetenschappen, Bewegingswetenschappen, Extramurale Geneeskunde en in cardiovasculair- en kankeronderzoek.

Een andere strategische partner van de VU is de Universiteit Twente. Naast mogelijke nieuwe gezamenlijke bachelor- en masteropleidingen hebben de VU en de Universiteit Twente in 2020 drie maatschappelijke thema’s geformuleerd waarop ze met gezamenlijke onderzoeksprogramma’s gaan samenwerken: Secure Societies, Smart Societies en Responsible Societies. Met deze multidisciplinaire onderzoeksprogramma’s willen we het ontwikkelen van oplossingen voor hedendaagse complexe maatschappelijke vraagstukken versnellen.

In 2020 is het Kenniscentrum Ongelijkheid opgericht door de VU, Universiteit van Amsterdam, Hogeschool van Amsterdam en Hogeschool Inholland, samen met de gemeente Amsterdam. In het Kenniscentrum bundelen de kennisinstellingen hun krachten om bij te dragen aan het beschrijven, begrijpen en aanpakken van ongelijkheid in Amsterdam. Het Kenniscentrum verbindt verschillende partners en expertises, zoals maatschappelijke organisaties en praktijkprofessionals. Vanuit de VU zijn in eerste instantie de Faculteit Sociale Wetenschappen en School of Business and Economics betrokken. Op 9 november 2020 is de eerste subsidieronde opengesteld voor projecten voor onderzoek naar (de aanpak van) ongelijkheid.

De gemeente Amsterdam en de Amsterdamse kennisinstellingen sloten in 2019 een City Deal. Het doel is om de samenwerking in Amsterdam te vereenvoudigen door onderzoeksexpertise en maatschappelijke vragen beter vindbaar te maken via het portal Openresearch.amsterdam. De VU heeft op dit moment meer dan 230 artikelen gepubliceerd op het platform en ongeveer 175 actieve accounts. Voorbeelden van actieve instituten met eigen redacteuren op het platform zijn het Institute for Environmental Studies (IVM) en het Amsterdam Sustainability Institute (ASI). In 2021 wordt er voor openresearch een redactiestructuur opgezet bij de VU, zodat VU-onderzoekers actiever gebruik kunnen maken van de mogelijkheden voor wetenschapscommunicatie en het versterken van het netwerk met de gemeente en andere onderzoekers in de regio.

De VU neemt deel aan het actieprogramma Open Kennis Amsterdam voor het aantrekken en behoud van internationale studenten, en aan Open Amsterdam! om de internationale reputatie van Amsterdam als kennisstad te versterken.

De VU heeft in 2020 besloten de samenwerking met Amsterdamse partners in het Sarphati Instituut voort te zetten. In het instituut werken de gemeente Amsterdam (GGD) en de Amsterdamse kennisinstellingen (VU, Universiteit van Amsterdam, Amsterdam UMC en Hogeschool van Amsterdam) samen aan innovatief multidisciplinair onderzoek. Dit onderzoek is gericht op effectieve en duurzame preventie van welvaartsziekten. Een sprekend voorbeeld is het Sarphati Cohort, een onderzoek naar de ontwikkeling en gezondheid van Amsterdamse kinderen in de stad. In het Sarphati cohort wordt onderzoek gedaan naar wat de gezondheid van onze jeugd beïnvloedt om welvaartsziekten zoals diabetes, obesitas en hart- en vaatziekten al op jonge leeftijd te helpen voorkomen.

Ook in het project Proefdiervrije Innovaties wordt samengewerkt. Doel van dit project is om het proefdiergebruik in wetenschappelijk onderzoek te verminderen, te verfijnen en proefdieren waar mogelijk te vervangen (het zogenoemde 3V-beleid). De VU en Amsterdam UMC werken samen in een meerjarig programma waarin diverse activiteiten worden ontwikkeld. Er wordt bijvoorbeeld een symposium en een Helpathon georganiseerd (een live evenement rondom een specifieke vraag over proefdiervrij onderzoek), en er wordt gewerkt aan het ontwikkelen van PhD-onderwijs op dit thema.