4.1 De prioriteiten voor 2025 in onze onderzoeksstrategie
Om onze visie op onderzoek te verwezenlijken, zetten we in op vrije en verantwoordelijke wetenschap voor een betere wereld. A Broader Mind staat daarbij centraal. Met deze open houding willen we de dynamische samenwerking in ons onderzoek vergroten en de verbinding met de samenleving versterken. In deze paragraaf gaan we in op de prioriteiten voor 2025 in onze onderzoeksstrategie:
-
talenten in teams;
-
dynamische netwerken;
-
onderzoeksondersteuning;
-
transparantie en reputatie.
Talenten in teams
Talenten in teams is een programma om interdisciplinair en transdisciplinair onderzoek te bevorderen. Dit sluit aan bij het programma Erkennen & Waarderen, waarover meer in paragraaf 6.2. In de volgende paragrafen vindt u enkele voorbeelden van hoe wij talenten en teams erkennen en waarderen.
Dynamische netwerken
Samenwerken in Dynamische Netwerken draagt bij aan het vinden van innovatieve oplossingen voor complexe maatschappelijke problemen. Een dynamisch netwerk is een team van experts uit verschillende vakgebieden en disciplines. We brengen alle perspectieven bij elkaar en werken samen aan innovatieve oplossingen voor complexe maatschappelijke problemen. Onderzoekers van verschillende faculteiten vinden elkaar en zoeken samenwerking met partijen buiten de universiteit. Voor de manier waarop we dat organiseren worden we geadviseerd vanuit ons eigen Athena Instituut, datonderzocht welke kansen er zijn om dynamische netwerken aan te jagen en wat de belemmeringen zijn voor deze manier van samenwerken.
Sinds 2007 kende de VU een groot aantal interfacultaire onderzoeksinstituten. Dat zijn goede aanjagers voor interdisciplinaire samenwerking. De vorm van het interdisciplinaire instituut is in de loop van de jaren minder belangrijk geworden. Enerzijds komt dat door veranderingen in de organisatie van de VU: fusies van faculteiten en de fusie tussen het VUmc en het AMC. Anderzijds komt het door de behoefte om samenwerkingsverbanden dynamischer maken. In 2025 hebben faculteiten een besluit genomen over het voortzetten of beëindigen van deze instituten. De instituten die intensief samenwerken met het Amsterdam UMC zijn voor de VU belangrijk. Deze instituten blijven bestaan binnen de context van Amsterdam UMC, de overige VU-instituten worden gecontinueerd als dynamische netwerken.
Onderzoek uitgelicht: samenwerking MedTechZone |
|
In 2025 zijn we een samenwerking gestart met de grootste MedTech-zone ter wereld. Met dit partnerschap versterken we onze ambitie om maatschappelijk verantwoord en transdisciplinair onderzoek te bevorderen, waarin onderwijs, wetenschap en maatschappelijke partners samenkomen. Binnen de samenwerking spelen onder meer de masteropleidingen Management, Policy Analysis and Entrepreneurship in Health & Life Sciences en Global Health een rol. Zo worden studenten actief betrokken bij het ontwikkelen van duurzame, inclusieve en praktijkgerichte zorginnovaties met maatschappelijke impact. |
Onderzoeksondersteuning
Om onze wervingskracht voor externe onderzoeksfinanciering te vergroten, hebben we vier thematische focusgebieden voor externe financiering benoemd:
-
Public Private Partnerships;
-
Secure and Inclusive Society;
-
Human Health and Wellbeing;
-
Human Centric AI.
IXA-GO, de centrale afdeling die onderzoekers ondersteunt om externe financiering binnen te halen, heeft voor elk thema een gespecialiseerde programmamanager.
De portefeuillehouders Onderzoek van de faculteiten hebben best practices uitgewisseld. Een uitkomst daarvan is dat zij terugkerende gesprekken gaan voeren met de afdelingshoofden van hun faculteit over de strategie van de afdelingen om externe onderzoeksfinanciering te werven. De uitkomsten daarvan voeden de facultaire strategie en helpen ons om gezamenlijk goed af te stemmen op de ondersteuningsbehoefte.
In oktober organiseerden we de VU Funding Day, een inspirerende conferentie over nationale en Europese financieringsroutes, strategieën voor publiek-private samenwerking en netwerkmogelijkheden. Wat sterk uit de VU Funding Day naar voren kwam, is dat het cruciaal is om vanuit de kracht van onderzoeksgroepen te bekijken welke mix van geldstromen voor hen interessant is. Hiermee gaan we in 2026 aan de slag. Ook organiseren we dan opnieuw een VU Funding Day.
De eisen aan het beheer en de opslag van steeds meer onderzoeksdata worden strenger en de behoefte aan ondersteuning neemt toe. De centrale helpdesk voor research datamanagement (RDM-helpdesk) biedt hulp bij complexe vraagstukken. Op de faculteiten ondersteunen datastewards onderzoekers. Samen vormen zij het Netwerk research data support dat faculteiten en ondersteunende diensten met elkaar verbindt. Samen nemen we verantwoordelijkheid voor data van hoge kwaliteit, die toegankelijk en veilig zijn, en waar op ethisch verantwoorde wijze mee wordt omgegaan. Om onderzoekers en ondersteuners te ontzorgen bij de administratieve lasten, werken we aan een Research Administration Platform waarop onderzoekers maar één keer hun gegevens hoeven in te voeren en niet meer te maken hebben met veel verschillende formulieren. Het wordt hierdoor eenvoudiger om te voldoen aan hoge eisen van zorgvuldigheid, zoals de AVG-toets (toets aan de Algemene verordening gegevensbescherming), de ethische toets en het datamanagementplan, en zo voorkomen we dubbel werk. Het platform verbindt onderzoekers bovendien sneller met onderzoeksondersteuning. Hoe we de verschillende werkwijzen van faculteiten kunnen integreren of standaardiseren hebben we in 2025 met de faculteiten besproken. In 2026 standaardiseren we wat mogelijk is en koppelen we systemen aan elkaar. In 2027 ronden we dit af en nemen we het platform in gebruik.
De vroegere Universitaire Toetsingscommissie (UTC) is door de laatste benoemingen in 2025 definitief omgevormd tot de University Committee for Advancing REsearch quality (UCARE). Naast de al bestaande rol in het adviseren van de rector over onderzoekskwaliteit ligt de nadruk nog meer op het adviseren van onderzoekseenheden zelf. UCARE vat kwaliteit van onderzoek breed op en heeft oog voor nieuwe ontwikkelingen in het evalueren, zoals de hervormingen die de internationale Coalition for Advancing Research Assessment [1] Faculteiten kunnen UCARE als ‘kritische vriend’ raadplegen voor bijvoorbeeld zelfevaluaties of het opstarten van een nieuwe evaluatiecyclus in het kader van het nationale evaluatieprotocol SEP.
Onderzoek uitgelicht: Adapt! |
|
Theoloog Rik Peels en Psycholoog Paul van Lange van de VU zijn onderzoeksleiders in het Zwaartekrachtproject Adapt! dat geleid wordt door Beatrice de Graaf (UU). Adapt! brengt wetenschappers, burgers en beleidsmakers samen om instrumenten en strategieën te ontwikkelen die samenlevingen helpen om door heftige crises te navigeren. Dreigingen zoals pandemieën, terroristische aanslagen, overstromingen en aardbevingen vragen om aanpassingsvermogen van samenlevingen en overheden. Het doel is om te achterhalen wat bepalende factoren waren bij succesvolle historische reacties op crises en om een permanente, open, internationale en interdisciplinaire infrastructuur te creëren. |
Transparantie en reputatie
Wij vinden het belangrijk dat de resultaten van onderzoek toegankelijk zijn voor iedereen. In 2025 hebben we 52.000 peer reviewed artikelen in open access gepubliceerd, waarvan 95 procent kosteloos beschikbaar is. De overige 5 procent is nog onder embargo, maar is na zes maanden eveneens gratis te raadplegen. Daar zijn we trots op. We realiseren ons dat onze huidige landelijke strategie van deals met grote uitgevers niet heeft geleid tot een duurzaam model om onze publicaties te bekostigen, maar tot een te grote afhankelijkheid van deze grote partijen. Daarom heeft de VU het voortouw genomen om een nieuwe Universiteiten van Nederland (UNL)-strategie voor open access te ontwikkelen, die in december is aangenomen door de UNL-stuurgroep Strategie, Public Affairs en Governance.
In landelijk verband onderzoeken we samen met SURF en het Centre for Science and Technology Studies volwaardige alternatieven voor gesloten, commerciële databases die veel metadata over onze publicaties bevatten. In lijn met de principes van de Barcelona Declaration willen we dat die metadata (en de indicatoren die daarop gebaseerd zijn) open zijn. Ook willen we het mogelijk maken om te sturen op kwaliteit boven kwantiteit, en op maatschappelijke relevantie. De integriteit van de data moet gewaarborgd zijn, met controlemogelijkheden op metadata en auteursrecht. Ook moeten ze overal ter wereld toegankelijk zijn. In 2025 hebben we daarom besloten om onze licentie op de commerciële database Web of Science met ingang van 2026 op te zeggen. Voor analyses van de impact van onderzoek maken we standaard gebruik van open alternatieven als OpenAlex en OpenAIRE. Dat willen we ook voor andere doeleinden vaker gaan doen.
Open science heeft gevolgen voor hoe we onderzoekers erkennen en waarderen. Voorheen keken we naar het aantal publicaties in gerenommeerde tijdschriften. Nu hebben we nieuwe tools nodig om te beoordelen of een onderzoeker klaar is voor een volgende carrièrestap. Daarom is in 2025 de werkgroep Erkennen en waarderen van open science gestart. Ook werken we in het Aurora-verband samen met OpenAIRE aan een dashboard voor open science.
De dialoog met de samenleving staat centraal in de onderzoeksstrategie van de VU. VU-wetenschappers werken samen met wetenschappers van andere disciplines en met maatschappelijke partners aan oplossingen voor complexe maatschappelijke problemen. Voor samenwerking is een open houding nodig. Het Netwerk Wetenschap in Dialoog helpt onderzoekers om zich bewust te worden van hun eigen waarden en drijfveren en open te staan voor die van anderen.
In de afgelopen jaren hebben we de basis gelegd voor de ontwikkeling van dialoogvaardigheden binnen de VU: het netwerk heeft trainingsaanbod ontwikkeld en getest, de Dialogue Incubator-leerlijn opgezet en verschillende ‘dialooginterventies’ getest. Deelnemers leerden zichzelf en hun onderzoek te positioneren in relatie tot anderen. Zij kregen inzicht in hun eigen vraagstelling en leerden hoe ze daarin meer open kunnen staan voor het perspectief van anderen. Aan deze sessies hielden ze waardevolle relaties met maatschappelijke partners over, waarmee ze de basis legden voor toekomstige samenwerkingen. Het netwerk heeft ook theaterdialogen ontwikkeld over de onderzoekscultuur op de VU. De pilots samen zorgden ervoor dat we binnen de VU dialoog zien als essentieel onderdeel van onze cultuur. We werken de pilots in 2026 uit tot een structureel ondersteuningsprogramma.
Met Citizen Science betrekken we burgers bij onderzoek. Een goed voorbeeld is dat burgers de luchtkwaliteit in Amsterdam en rond Schiphol meten, waardoor er een fijnmazig meetnetwerk ontstaat. In 2025 hebben we onder het penvoerderschap van de VU externe financiering toegekend gekregen om de eXtreme Citizen Science Hub Amsterdam op te richten. De andere betrokken organisaties zijn UvA, HvA, Amsterdam UMC, Waag Futurelab, Openbare Bibliotheek Amsterdam en gemeente Amsterdam. De hub verenigt Citizen Science-initiatieven in Amsterdam en bevordert samenwerking tussen gemeenschappen, hogeronderwijsinstellingen en beleidsmakers.